PBM kennisbank

Verankering bij valbeveiliging: van levensbelang

Een goede, stevige verankering is letterlijk van levensbelang bij het werken op hoogte. Om die reden moet het gebruik van ankers en veiligheidshaken voldoen aan de juiste eisen, richtlijnen en fabrikantvoorschriften. Werksituaties zijn erg verschillend. Daarom zijn er verschillende typen verankering nodig.

Safety Freaks heeft diverse soorten verankeringen voor valbeveiliging die van toepassing zijn in uiteenlopende werksituaties en beroepen. Het is natuurlijk erg belangrijk dat je de juiste keuze maakt. Safety Freaks adviseert je graag; veiligheid staat hierbij centraal.

Wat is verankering bij valbeveiliging? Verankering is het punt of systeem waaraan je jezelf, je leeflijn of je valbeveiligingsapparaat koppelt. Een goed ankerpunt voor valbeveiliging is essentieel, omdat het complete systeem daar uiteindelijk op vertrouwt.

Typen verankeringen

Er zijn meerdere soorten ankerpunten en verankeringsmiddelen. Welke verankering geschikt is, hangt af van de werkplek, de ondergrond, de constructie, de valruimte en de manier waarop je moet bewegen.

  • Vaste verankering
    Deze verankeringen kunnen aan een muur, staal, plafond en andere geschikte constructies worden bevestigd. Zolang het om een solide en aantoonbaar geschikte ondergrond gaat, heb je zo een stevig en betrouwbaar verankeringspunt. Dit wordt ook vaak montageverankering genoemd.
  • Mobiele verankering
    Deze zijn te bevestigen aan of om stalen, betonnen of andere geschikte objecten. Een mobiel ankerpunt voor valbeveiliging is vooral handig wanneer je tijdelijk werkt of op wisselende locaties komt.
  • Verbindingsverankering
    Geschikt om verankeringen te vermenigvuldigen en voor het positioneren van personen en materialen. Denk bijvoorbeeld aan slings en ankerstroppen, mits de constructie waar je ze omheen legt daar geschikt voor is.
Vaste mobiele en verbindingsverankering

Vaste, mobiele en verbindingsverankering.

Tips

Hoe goed je beveiliging ook is, deze is nutteloos wanneer het verankeringspunt niet sterk genoeg is.

  • Het klinkt misschien voor de hand liggend: zorg dat het verankeringspunt zich bij voorkeur boven je bevindt, en zeker niet onnodig beneden de klimgordel. Op deze manier val je minder ver voordat de schokabsorber zijn werk kan doen. Zo maak je de valfactor lager.
  • Bij het verankeringspunt mogen zich geen scherpe randen of hoeken bevinden. Door voortdurend schuren kunnen lijnen slijten of beschadigen.
  • Het ankerpunt moet geschikt zijn voor de krachten die bij een val kunnen ontstaan. Kijk daarbij niet alleen naar een simpele kilo-aanduiding, maar ook naar normering, fabrikantvoorschriften, montage, ondergrond en het aantal gebruikers.
  • Er dienen in bepaalde werksituaties minimaal twee onafhankelijke ankerpunten te worden gebruikt, bijvoorbeeld bij rope access of andere specifieke toepassingen waarbij met gescheiden systemen wordt gewerkt.
  • Wanneer je met een Y-leeflijn op een constructie klimt of voortbeweegt, mag je met één hand een haak losmaken en deze aan het volgende ankerpunt bevestigen. Terwijl die haak los is, moet de andere haak verbonden blijven en moet je goede steun houden.

Verankering in verschillende situaties

Verankeren heeft meerdere doelen. In de basis komt het neer op drie situaties:

1

Niet kunnen vallen

Wanneer bijvoorbeeld wordt gekozen voor een vaste verankering met een veiligheidslijn die korter is dan het oppervlak waar gewerkt wordt, is er geen kans op vallen. In de praktijk is dit een vorm van werkbegrenzing: je kunt de gevarenzone simpelweg niet bereiken.

2

Een val opvangen en letsel beperken

Wanneer de gebruiker toch kan vallen, moet de verankering onderdeel zijn van een systeem dat de val veilig stopt. Bepaalde verankeringen kunnen meehelpen aan het opvangen van krachten, bijvoorbeeld in combinatie met een leeflijn met schokabsorptie of een horizontale tijdelijke leeflijn met dempende eigenschappen. Een passende valbeveiligingsoplossing blijft hierbij noodzakelijk.

3

Goed kunnen werken

Wanneer men bijvoorbeeld een dak moet bestrijken, kan een horizontale tijdelijke leeflijn een geschikte verankering zijn. Wanneer een gebruiker aan een horizontale balk wordt verankerd, kan voor een apparaat worden gekozen dat door middel van rollers met de gebruiker meebeweegt.

Voorbeelden van verankering in verschillende situaties

Voorbeelden van verankering in verschillende situaties.

Waar moet een ankerpunt zitten?

Een ankerpunt zit bij voorkeur boven de gebruiker of zo hoog mogelijk ten opzichte van het bevestigingspunt aan het harnas. Daardoor wordt de vrije valafstand kleiner en krijgt de valdemper minder zwaar werk.

In sommige situaties, bijvoorbeeld op een plat dak, is een ankerpunt recht boven je niet mogelijk. Dan moet je extra goed kijken naar valruimte, lijnlengte, scherpe randen, de positie ten opzichte van de dakrand en het risico op slingeren.

Pendeleffect en valfactor

Werk je niet recht onder of dicht bij het ankerpunt, dan kan bij een val een pendeleffect ontstaan. Je slingert dan zijwaarts en kunt tegen een constructie, dakrand, gevel of ander obstakel terechtkomen. Ook daarom is de plaats van het ankerpunt zo belangrijk.

Normering en keuring

Bij ankerpunten en verankeringsmiddelen wordt vaak verwezen naar EN 795. Deze norm gaat over ankerdevices binnen persoonlijke valbeveiliging. In de praktijk kom je verschillende typen tegen, zoals vaste ankerpunten, tijdelijke ankerpunten, horizontale lijnen en andere verankeringsoplossingen.

De vraag hoeveel kracht een ankerpunt moet kunnen houden, kun je niet veilig beantwoorden met één algemene vuistregel. Dat hangt af van het type ankerpunt, de constructie, de montage, de gebruiksrichting, de fabrikantvoorschriften en het aantal personen dat eraan gekoppeld wordt.

Ook geldt dat verankeringen en ankerpunten periodiek gecontroleerd moeten worden volgens de instructies van de fabrikant en de geldende veiligheidsprocedures. Controleer daarnaast vóór gebruik altijd op zichtbare schade, vervorming, corrosie, slijtage of twijfelachtige montage.

Rope access en verankering

Bij rope access wordt gebruikgemaakt van touwen, verankering, klimgordels en andere materialen om de werkplek te bereiken. Hierbij wordt normaal gewerkt met twee systemen: een werklijn en een veiligheidslijn.

Dat betekent ook dat de verankering goed moet worden opgebouwd. In veel rope access-situaties zijn twee onafhankelijke ankerpunten of een aantoonbaar geschikte verdeelde verankering nodig. De exacte keuze hangt af van de constructie, de richting van belasting, de werkzaamheden en het reddingsplan.

Rope access werkzaamheden met touwen en verankering

Meer lezen over verankering

Wil je meer achtergrond over dit onderwerp? Lees dan ook onze blog verankering: de basis van veiligheid op hoogte. Wil je direct producten vergelijken, bekijk dan de categorie verankeringen of ga naar de hoofdgroep valbeveiliging.

Veelgestelde vragen over verankering en ankerpunten

Wat is verankering bij valbeveiliging?

Verankering is het punt of systeem waaraan je valbeveiliging wordt gekoppeld. Dat kan een vast ankerpunt, mobiele verankering, sling of tijdelijk systeem zijn.

Wat is een ankerpunt bij valbeveiliging?

Een ankerpunt is het bevestigingspunt waaraan je jezelf, je leeflijn of je valbeveiligingsapparaat koppelt. Het moet geschikt zijn voor de krachten die bij een val kunnen ontstaan.

Wat is het verschil tussen vaste en mobiele verankering?

Vaste verankering blijft op de werkplek aanwezig. Mobiele verankering is tijdelijk en wordt na gebruik weer verwijderd. Welke oplossing past, hangt af van de werkzaamheden en de locatie.

Wanneer gebruik je een mobiel ankerpunt?

Een mobiel ankerpunt gebruik je vooral wanneer je tijdelijk werkt of op wisselende locaties komt, en er geen passend vast ankerpunt aanwezig is.

Waar moet een ankerpunt zitten?

Bij voorkeur boven je of zo hoog mogelijk ten opzichte van het harnas. Dat verkleint de valafstand en helpt om de belasting op het systeem te beperken.

Wat is het pendeleffect bij valbeveiliging?

Het pendeleffect ontstaat wanneer je niet recht onder het ankerpunt werkt. Bij een val kun je dan zijwaarts slingeren en tegen een object of rand aankomen.

Moet een ankerpunt gekeurd worden?

Ja, ankerpunten en verankeringssystemen moeten periodiek gecontroleerd worden volgens fabrikantvoorschrift en veiligheidsprocedures. Controleer daarnaast altijd vóór gebruik visueel op schade en slijtage.

Kun je zomaar een balk, reling of steiger gebruiken als ankerpunt?

Nee. Een balk, reling of steiger is niet automatisch geschikt als ankerpunt. De constructie moet aantoonbaar passend en sterk genoeg zijn voor de toepassing.

Verankering nodig voor veilig werken op hoogte?

Bekijk de verschillende soorten verankeringen of start bij de algemene valbeveiligingscategorie als je eerst het complete systeem wilt bepalen.